Rupsen

‘s Ochtends had ik alleen de gebruikelijke luis op de Oost-Indische kers gezien, maar ‘s avonds toen de tuinbaas op bezoek was krioelde het op de bovenste bladeren van de rupsen. F, de man van de tuinbaas, hield zijn smartphone dicht boven de rupsen. Terwijl de tuinbaas de rode en gele tomaatjes bekeek – we waren het erover eens dat de rode goddelijk waren en de gele zo zo– , de bonen en vooral de… lees meer >>

Sokken, laarzen

Achtentwintig tegels haalden de tuinmannen uit de achtertuin, achtentwintig vierkante meter gewapend beton. Ze wogen per stuk meer dan honderd kilo, de tuinmannen zaagden ze eerst doormidden. Het was in die eerste week dat het weer niet langer nat en fris was, maar droog en best warm. De overbuurvrouw die niet kon zien wat er in onze achtertuin gaande was maar wel de tuinmannen grote stukken tegel zag kruien naar een container voor ons huis,… lees meer >>

Het gaat goed

Een trouwe lezer vroeg of het goed met me ging. Ze miste mijn blogs al een tijdje. Ik was geroerd. Ik miste ze ook, maar ze gingen niet samen met de dynamiek die er sinds 1 januari in mijn leven is gekomen. Er is het broodbakgebeuren, daarover schreef ik al eerder op deze plek. Het heeft zo’n aangename vlucht genomen dat R en ik sinds het eerste brood dat op 1 januari uit de oven… lees meer >>

Bazaar

Ik mis de bazaar. De bazaar was de tweewekelijkse tweedehandsmarkt in de gangen en ruimtes van de kerk hier vlakbij. Als ik opruimde – kleding, huisraad, boeken – hoefde ik maar met een paar stevige boodschappentassen naar het kerkgebouw aan het einde van het winkelcentrum te lopen, mijn spullen achter te laten bij een van de tachtig vrijwilligers, en klaar was ik. Zij beslisten of iets waarde had, of het op een van de verkooptafels… lees meer >>

Koningsdag

Ik was vroeg wakker, ontdekte op mijn telefoon dat er vandaag gewoon kranten verschenen, las hier en daar wat en stond toen op. Bij de wastafel plensde ik koud water in mijn gezicht, in mijn nek, onder mijn oksels, droogde me af, schoot kleren aan, pakte mijn portemonnee, liep naar beneden, trok schoenen aan en pakte mijn winterjas van de kapstok. Ik draaide de voordeur van het slot, deed een mondkapje in mijn jaszak en… lees meer >>

Moord? Tanden?

Er zwom een moedereend met jongen midden op het water. Ruim twee maanden geleden liep ik op die plek, maakte ik er schaatsbewegingen, nu zwom er volwassen en pril leven en waren R en ik bezig met ons honderdzoveelste ommetje. In de bocht van de rivier tegenover het cafeetje stopten we. Ik telde vier jongen. Het dons van de kleine pluizenbollen wiegde zachtjes. Achter ons was activiteit, zowel op het terras als bij de voordeur… lees meer >>