Wormenhotel

Ik bekeek een filmpje van Het Klokhuis, ik vroeg de groentevrienden of zij emmers hadden die ze toch maar weggooiden, ik vroeg hier en daar of iemand compostwormen had, of iemand kende met compostwormen en toen niemand iemand kende met compostwormen vond ik een website waarop zogenaamde ‘nudgers’ compostwormen willen delen. Ik mailde drie mensen, de tweede was raak. Van de groentevrienden kreeg ik handige emmertjes waarin rundvleeshuzarensalade had gezeten. Ik pakte de boormachine en twee verschillende speedboortjes: eentje van tien millimeter en eentje van zeventien millimeter. Ik kocht ze ooit voor één enkel karweitje en dacht toen: ga ik die ooit nog gebruiken? In de bodem van twee emmertjes boorde ik met de tien millimeter-boor op heel veel plekken gaatjes. Het maakte zo’n lawaai dat ik de bouwgehoorbeschermer opzette, die lijkt net een hippe koptelefoon met knaloranje schelpen. Daarna zette ik de zeventien millimeter-boor in de machine en boorde grotere gaten in de zijkant van de twee emmers, onder het midden. Vanavond rij ik met een plastic bak waar normaal aardbeien of mandarijnen in zitten naar een wijk hier verderop en ga ik van ene Henk compostwormen krijgen. Hij had er wel wat voor me om een wormentoren mee te beginnen, mailde hij. In een emmer onder het terras zitten al herfstbladeren en straks haal ik uit het vogelhuisje nog het nestmateriaal dat de koolmezen hebben achtergelaten. Ook heb ik het potje van de tijmplant bewaard die ik dit weekend in een grotere pot heb gezet. Dat potje zal ik omgekeerd op de bodem van een emmer zonder gaten zetten. Ik denk aan de voorbereidingen die zwangere mensen treffen, de babykamer, de wieg, de rompertjes, alles is klaar en wacht. Alleen gaat dit sneller.

Boekenlegger op de permalink.

Reacties gesloten.