Zon

Ik at tien aardbeien en dronk een beker thee. Meer kon er niet in. Het was half negen en al 21 graden. Buiten was het doodstil. Misschien stonden mensen alleen vroeg op voor hun baas en niet voor zichzelf. Ik rende langs het water naar de Prinses Irenebrug waar een heel goed restaurant zit. Het heet De Prins. Tegenover nummer 410, aan de andere kant van het water, ontdekte ik een trapgevel. Ik was er… lees meer >>

Haring

Ik fietste naar de stad op mijn beste fiets. Lang heb ik dat niet gedurfd. Sinds een jaar of twee zijn er bewaakte fietsenstallingen in het centrum. Gratis. Vandaag probeerde ik het voor het eerst. Naast het oude postkantoor gaf een vrouw in een blauw, iets te groot uniform mij een rood papiertje en niette een bijbehorend rood papiertje om mijn remkabel. Ik passeerde mensen die hun fietsen niet in de rekken zetten, maar tegen… lees meer >>

Natuur

Ik zat aan tafel in de tuin. Dat is het mooie van mijn werk. Ik kan mijn laptop overal openklappen. Zondag was er een hondje van vrienden in deze tuin. Dat hondje had de tijd van zijn leven. Hij maakte een paadje door de maagdenpalm en plette wat vrouwenmantel om van de voorste helft van de tuin naar de achterste helft te lopen. Over de brug durfde hij niet. De brug is van open staalvierkantjes.… lees meer >>

Mierenspoor

Ik zag een man aan komen lopen. Hij duwde een kinderwagen. Iets verder op kwam nog een man met een kinderwagen. Hun ogen staarden onafgebroken in de wagens. Ze duwden hun vracht gehaast. Het was vijf uur ‘s middags. Ergens in mijn buurt moest een kinderafhaalpunt zijn. Het was een zwijgzaam tafereel, geen babygebrabbel. Het was achtentwintig graden. Een mens weet al vroeg wanneer het zich gedeisd moet houden. Bij de zebra voegde ik mij… lees meer >>

Tong

Ik had dingen in huis gehaald die ik normaal niet in huis heb. Het was vanwege bezoek. Niet alles was opgegaan. Er brandde een half aangebroken zakje chips in een keukenla. Dat zakje brandde inmiddels ook in mijn hersens. Het was een uur of vier ‘s middags. Ik schudde wat van de vierkantjes Kartoffelsnack met Sauerrahme en Onion in een bakje. Als ik er niet over nadacht, duwde ik de vierkantjes gedachteloos naar binnen waar… lees meer >>

Opbiechten

Ik at aardbeien en aalbessen, trok af en toe een zuur gezicht, dronk verse jus, het was negen uur en ik las ‘Siemens biecht spoorwegkartel op in Brazilië’. Het had iets zoets, het woord opbiechten, de smaak van aardbeien. Een bedremmeld kind dat opbiecht twee snoepjes in plaats van een uit de pot te hebben genomen. De krant gebruikte volwassen termen: Siemens had de Braziliaanse autoriteiten ‘ingelicht’ over een grootschalig spoorwegkartel. Ik stelde mij een… lees meer >>

Bijna

Ik was op weg naar het strand en las hoe Proust mijn leven kon veranderen. Een meisje en haar vader kwamen tegenover mij zitten. De vader zette een vlasachtige tas van Puur&Eerlijk op het treintafeltje. ‘Papa.’ Het meisje porde haar vader zachtjes in zijn zij en wees naar de tas. Ze was een jaar of zes en sprak zacht. Haar vader gaf haar een flesje AA-drink. Zelf diepte hij een flesje cola uit de tas.… lees meer >>